Tagarchief: vitaliteit

Wie het weet mag het niet zeggen


“Er is niemand van wie je niet iets zou kunnen leren”
– Dag Hammerskjöld
Onlangs had ik een gesprek met een goede vriend die de zeldzame kunst verstaat IT architectuur begrijpelijk voor mij te maken. Hij vertelt me over zijn frustraties in zijn nieuwe baan, omdat hij niet de kans krijgt daadwerkelijk zaken op orde te brengen. In plaats daarvan ziet hij allerlei rafelige softwareoplossingen voorbij komen, die bij elke verandering knullige aanpassingen krijgen (“het werkt toch!?”).
De initiatieven die hij neemt om degelijke standaarden vast te leggen zodat nodeloos knip- en plakwerk met softwareoplossingen kan worden voorkomen, stranden op gemakzucht van de leiding: geen tijd voor, geen prioriteit, het zal wel, zorg eerst maar dat A of B af is. Mijn vriend heeft jaren als IT consultant gewerkt en toch laten ze zijn inzichten links liggen, met als gevolg dat hij zijn talenten elders zal gaan inzetten. Ongetwijfeld als consultant met een hoog tarief.
 
Hoeveel kennis is er niet onbenut aanwezig in organisaties waar functieomschrijvingen geen ruimte bieden voor daadwerkelijk initiatief? Met dit in mijn achterhoofd stuitte ik op een onderzoek van TNO (mei 2013) naar kwalificatieveroudering in Nederland. Het onderzoek laat zien dat één op de drie medewerkers zich onderbenut voelt. Hoe is dat mogelijk? Ik zou verwachten dat er meer van (niet ontslagen) medewerkers verwacht wordt nu veel organisaties afslanken en in deze medewerkers geïnvesteerd wordt om maximaal ingezet te kunnen worden. Het blijft waarschijnlijk steken op het eerste.
Kennis en vaardigheden die onbenut blijven, verouderen ook nog eens: het zal niet bijdragen aan de motivatie en het zelfvertrouwen en mentaal verzuim in de hand werken. Een zorgwekkend fenomeen. Het onderzoek pleit voor een brede blik over de grenzen van eigen functie en afdeling heen. Een blik die overigens ook noodzakelijk is voor het trendy strategische personeelsbeleid en vitaliteitsbeleid: hoe kan het dan zijn dat dit niet gebeurt?
Geen tijd, geen prioriteit, onwetendheid, gemakzucht? Ieder HR(D) beleid van deze tijd zal “leren met en van elkaar dichtbij de werkvloer” omvatten waarbij zoveel mogelijk gebruik wordt gemaakt van kennis en vaardigheden van eigen medewerkers. Deze kennis en vaardigheden moeten dan wel inzichtelijk zijn en de tijd die daarmee gemoeid gaat legt het blijkbaar af tegen de snelle oplossingen: een korte termijn beleid (en visie) blijft een hardnekkig fenomeen, crisis of geen crisis.
Nieuw beleid na vitaliteit?
De afgelopen jaren stond vitaliteit hoog op de HR agenda, wordt dat nu kwalificatieveroudering? Het vraagt zoals gezegd om dezelfde aanpak. Hulptroepen zijn inmiddels ook geactiveerd: TNO ontwikkelt momenteel een diagnose-instrument en een interventieprogramma voor het meten en bestrijden van kwalificatieveroudering bij individuele medewerkers, in teams en in organisaties. Is dit alleen niet weer een knip- en plakoplossing?
In de tussentijd: weten wat je medewerkers in huis hebben en dat maximaal benutten, is dat niet het hele idee van HR!? Dus voordat kennis van buiten wordt gehaald (lees: inhuur adviseurs/consultants), eerst maar eens kwalificaties binnen de organisatie inzichtelijk maken.
Met de functioneringsgesprekken in zicht, genoeg gelegenheid om vragen te stellen als:
  • in welke vaardigheden heb je je kunnen ontwikkelen het afgelopen jaar?
  • hoe kunnen we jouw kwaliteiten beter benutten voor de organisatie?
  • Wat is nodig om jouw kennis en vaardigheden up to date te houden?
  • wat zie je als jouw toegevoegde waarde binnen de speerpunten van het jaarplan?
  • wat is er nodig om die waarde concreet te maken?
Ik wens management en leidinggevenden veel interesse toe! Misschien staat wat je nodig hebt, gewoon voor je neus.

Positiviteit in deze tijd

When the wind of change blows, some build walls, others build windmills.
(Chinees gezegde met dank aan Omdenken)

Ik ben er klaar mee. Het zuchten en steunen van mensen. De negativiteit waar je steeds meer door omringd wordt. Waar valt niet over te klagen of te mopperen?  HR krijgt in ieder geval altijd veel mee van een recessie. Jaren geleden kreeg ik een artikel in handen over “A complaint free” world, een idee van Will Bowen.  Bij het artikel zat een paars armbandje dat je van pols moest wisselen als je jezelf betrapte op geklaag. Het was de uitdaging het armbandje een week lang om dezelfde pols te dragen. Er zijn meer dan tien miljoen bandjes in omloop: het idee wordt dus breed gedragen. Na een paar dagen deed ik hem af, niet te doen.

Het valt mij niet mee de moed erin te houden in deze economische tijden, maar hoe je het ook wendt of keert: negativiteit helpt niet. Aan de andere kant: helpt positiviteit dan wel? Dat lijkt een rare vraag, maar blijkt wel een interessante vraag; psychologe Barbara Fredrickson heeft er zelfs onderzoek naar gedaan. De resultaten kun je lezen in haar boek Positivity waarin ze haar ‘broaden and build’ theorie uiteenzet. De twee kernwaarden achter deze theorie zijn dat (1) positiviteit je geest verruimt:  je wordt er ontvankelijker en creatiever door waardoor je (2) vermogens voor de toekomst opbouwt. Je bouwt veerkracht op en verbreedt je wereldbeeld. Negativiteit en neutraliteit beperken juist je ervaring van de wereld.

Wat mij aanspreekt in haar onderzoek is dat het niet gaat om alleen maar blij zijn, overal het goede van inzien of grenzeloos optimisme, maar om een gezonde verhouding tussen positieve en negatieve gevoelens. Geen tjakka!, maar levenswijsheid. Het leven bestaat simpelweg niet alleen uit rooskleurige momenten.  Vanaf een ratio van 3:1 van positieve gevoelens ten opzichte van negatieve gevoelens blijken mensen positief en realistisch in het leven te staan. Het is het verschil tussen vegeteren en opbloeien. De ratio is ruim genoeg om de hele reeks van menselijke emoties te omvatten. Er hoeft geen emotie te worden gemeden of onderdrukt. Sterker nog: onoprechte positiviteit werkt averechts (!).

Dat is voor mij de kern: het leven schiet alle kanten op en wie het leven kan omarmen in al zijn facetten, heeft meer kans om gelukkig te zijn. We zijn doorgeschoten in het idee dat alles maakbaar is. Juist omdat de huidige maatschappij ons het idee geeft dat alles mogelijk is en geluk en succes in je eigen handen liggen, worden mensen doodongelukkig. Alain de Botton merkt dat op in zijn boek Statusangst: wie we vroeger ‘unfortunate’ noemden, noemen we nu een loser.

Terug naar 3:1. Het kost mij wel wat moeite om mijn 3:1 ratio te halen door alle negativiteit die ik in met name mijn werkende leven tegenkom. Naast het ontmantelen van zogenaamde ‘negativiteitsmijnen’ (situaties die alleen maar ongegronde negativiteit uitlokken) moet ik dus wel alle positiviteit uit de kast halen.

Alle ruimte dus voor sites als happynews.nl, dagelijksegedachte.net en het gedachtegoed van Omdenken. Collega’s van de Afdeling Mitsen en Maren stuur je naar een workshop: van “ja, maar” naar “ja en”. De ja, maar-houding is volgens ja-maar.nl namelijk een onhandige strategie: je ziet kansen en mogelijkheden over het hoofd.
Op plukjegeluk.be vind je ook een vrolijk geluksplan met zeven principes van geluk waar positief denken er een van is. De haltes van het spoor positief denken zijn onder andere relativeren, minder piekeren en tevreden zijn met jezelf. “Gelukkige gedachten maken gelukkige moleculen”, stelt geluksgoeroe Wayne Dyer.

Je hoeft het echter niet allemaal buiten de deur te zoeken. Fredrickson onderscheidt tien vormen van positiviteit: vreugde, dankbaarheid, sereniteit, belangstelling, hoop, trots, plezier, inspiratie, ontzag en liefde. Haar boodschap is dat je je positiviteit al simpelweg kan verhogen door stil te staan bij het moment. We worden vaak door teveel dingen in beslag genomen om positiviteit te herkennen. Een enkele situatie kan ook meerdere vormen van positiviteit in zich hebben en je dat realiseren kan op zichzelf al ratioverhogend zijn. Tot slot: aandacht voor positiviteit leidt tot meer positiviteit. Makkelijk toch?

Een mooie tip is die van (naar het schijnt) de vader van Erica Terpstra: als je je blij voelt, probeer dat dan nog diezelfde dag aan iemand anders door te geven.

Andere tips om mijn ratio vast te houden zijn meer dan welkom.

Make my day!

Mindfulness: jong geleerd, oud gedaan

“Je hoeft niet per se je tempo op te voeren om meer uit het leven te halen”
Mahatma Gandhi

Twintig paar kleuteroren luisteren aandachtig naar het kabouterverhaal waarin de boskabouters Milli en Rikki naar het circus gaan waar ze optredende regenboogwormen hebben, een lelietjes van dalenfeest vieren en vriendjes worden met een tuinkaboutermeisje met een gebroken been dat door vlinders mee genomen kan worden naar het lelietjes van dalenfeest.

Dat klinkt ontspannen! Maar niks is minder waar….juffrouw Saskia heeft nog 5 minuten om ervoor te zorgen dat de kindjes hun boterhammen en enorme beker melk op hebben. Ik heb de opdracht gekregen notoire traageters te blijven aanmanen door te eten. Pech als ze ook nog moeten plassen, want dat kost ze alweer een paar minuten boterhammentijd. Om 5 voor half 1 moeten we klaar zijn, dan moet er buitengespeeld worden met de 2 andere kleuterklassen…op een paar traageters na die nog even mogen dooreten in het trage-eters-klasje. Dat zijn meestal de kindjes die net nieuw zijn (en zich geen raad weten met dit voor hen nieuwe regime). Zij hebben nog 10 minuten respijt…tijdelijk.

Buiten is het vervolgens een drukte van jewelste met 3 kleuterklassen vol kleuters die ruzie maken, op hun hoofd vallen, met hun fietsjes botsen, soms een plasongelukje komen melden of verhaal komen halen omdat Sanne niet mee mag spelen met Marit en Sophie. Om 10 voor 1 is het opruimen geblazen, 5 voor 1 naar binnen, 1 uur weer in de klas zitten. Pfff.

Eenmaal thuis moet ik echt even bijkomen en ga ik eens lekker de Flow lezen. Mijn oog valt op een artikel met de tekst “Niets doen? gewoon doen! Waarom voelen we ons toch zo vaak gehaast? Waarom stellen we zoveel eisen aan onszelf en kunnen we zo moeilijk loslaten? Leer niksen!” Mij hoef je dat niet te leren. Ik ben er gelukkig jaren geleden al achtergekomen dat heel veel leuke dingen doen niet meer leuk is en dat je uitnodigingen vriendelijk kan weigeren of dat je kan aangeven dat je liever op het moment zelf wil kunnen bepalen of je zin hebt of niet. Ik ga ook steevast een rondje lunchwandelen in plaats van mijn pauze in een drukke kantine door te brengen: heerlijk! Even mijn hoofd leegmaken. Realiseer je dat je per definitie meer zult missen dan je mee zult maken….en daar is niks mis mee!

Het contrast kan die middag niet groter zijn. Aan de ene kant zie ik jonge, speelse en soms dromerige kinderen die wel even moeten opschieten met alles (Saskia, let erop dat ze niet te lang op de wc blijven!) en aan de andere kant de overvloed aan mindfulness trainingen/boeken waarin volwassenen een uur lang een appel bestuderen, de structuur en de smaak goed moeten leren ervaren en 20 keer moeten kauwen op elke hap. Of gewoon eens even hun mond moeten houden en op hun ademhaling moeten letten. Waar zijn we mee bezig?

Het valt me op dat er kinderen in mijn klas zitten die om me heen blijven dralen…het is buiten erg hectisch en de introverte kinderen helpen liever de juf nog even met het schoonmaken van de tafeltjes. Ik zou het hier als kleuter niet prettig hebben gevonden en gelukkig staat de school er wel voor open om een rustig plekje te creëren voor de kinderen die rust zoeken in hun pauze. We hebben allemaal andere behoeftes: ontspanning komt in vele vormen en ik zie sommige van die kleintjes zoeken naar hun rustmogelijkheden binnen de hectiek van de school

Die hectiek werkt thuis gewoon door: wordt er nog wel eens gewoon lekker gelummeld op de bank? Zonder de herrie van tv, spelcomputer of een mobiel bellende ouder. Ik ben ooit als begeleidster meegeweest met een kinderkamp waar we ons steevast ’s avonds op matrassen en kussens nestelden met chocolademelk, vervolgens de dag doornamen en samen verhaaltjes lazen. Niet alleen hoorde je zo hele verrassende dingen over wat indruk had gemaakt, het was ook voor iedereen een heerlijk rustmoment. Wat is er gebeurd met de rust uit het credo ‘rust, reinheid en regelmaat’?

Het is onze taak  kinderen te  helpen lekker in hun vel te zitten in een maatschappij waar je je al heel snel en voortdurend moet aanpassen (om vervolgens ergens op een afgelegen boerderij te eindigen om onder begeleiding een week lang op zoek te gaan naar jezelf). Authentiek moet je niet worden, dat moet je blijven, maar dat valt niet mee als je op elke prikkel reageert die op je wordt afgevuurd. Geeft niks, genoeg werk voor mij.

Desalniettemin: lieve papa’s en mama’s, misschien moeten jullie deze week in plaats van naar jullie mindfulnesstraining te rennen eens even thee zetten met een koekje erbij en eens rustig de dag doornemen met jullie kleintjes of doe samen eens….niks! “Lanterfanten is voor de geest, wat beweging is voor het lichaam”, las ik in Flow. Leer je kinderen wat jij hebt geleerd, maar leer van hen wat wij hebben verleerd: treuzelen of lekker wegdromen. Dat is goed voor je.

Keuzestress

“Soms maken de omwegen het een stuk aangenamer je uiteindelijke doel te bereiken”
Karen Fried

Bij loopbaanvraagstukken speelt(geen) keuzes kunnen maken vaak een grote rol. Moet ik me specialiseren of gaan leidinggeven? Waar wil ik over 5 jaar zijn en wat moet ik daarvoor doen of laten? Als ik nu voor A kies, moet ik dan nee zeggen tegen B?
Eh…ja. Keuzes maken is een hele kunst. Zelf ben ik nogal doortastend als het aankomt op keuzes maken en het is dan ook interessant om anderen daarin te begeleiden. Het is vaak een kwestie van op jezelf leren vertrouwen en jezelf goed kennen.

Ik heb veel selectiegesprekken gevoerd voor business courses, waarbij ik dus veel starters heb gesproken die zich nog geen goed beeld kunnen vormen van wat ze nou willen. Geen keuzes willen of kunnen maken: het feit is dat traineeships al jaren populair zijn ook al zijn dat vaak veredelde stageplekken (het woord traineeship werkt bijzonder wervend weet ik uit ervaring). Dan hebben we ook nog het dertigersdilemma en de brede interesse voor trainingen als timemanagement.

Lijstjes maken heeft zelden zin als je voor een keuzemoment staat, eindeloos afwegen evenmin. Het is inmiddels bekend dat je beslissingen vaak achteraf beargumenteert: de keuze zelf maak je onbewust. Wil je toch bewust een keuze maken (of in ieder geval die illusie hebben), dan is het boek ‘Zen en keuzes maken’ (Rients Ritskes) een aanrader. Ik nam daar lijfspreuk “waarheen je ook gaat, ga met je hele hart” uit over (Confucius): ik maak de keuze die op dat moment het beste aanvoelt. Accepteer dat elke beslissing die je neemt een experiment is met een onbekende uitkomst: een pakket met plussen en minnen. Er zijn geen garanties. Zo simpel is dat.

Ik heb nooit een pad voor mezelf uitgestippeld. Ik geloof dat de juiste dingen voorbij komen als je daarvoor open staat. Het komt er dan op aan de kans te durven pakken. Soms levert een keuze een onverwacht inzicht op. Een mooie illustratie is een situatie op mijn werk die mijn loopbaan een slinger gaf. Bij een van mijn vorige werkgevers zou Oracle HR worden geïmplementeerd. Mijn interesse in software is echter zeer gering en toen ik kon kiezen tussen de handleiding schrijven of de uiteindelijke training geven voor collega’s, was de keuze tussen deze ogenschijnlijk 2 kwaden snel gemaakt. Liever nog voor een groep staan (oei!)dan wekenlang procedures schrijven. Op de eerste trainingsdag begon ik dapper mijn verhaal en…..ik voelde me als een vis in het water. Ik bleek het geweldig te vinden om voor een groep te staan. Toen ik vervolgens een HR baan voorbij zag komen waar het geven en ontwikkelen van trainingen een grote rol speelde, twijfelde ik geen moment. Die kans heb ik gegrepen en bleek een gouden stap.

Zolang je jezelf voorhoudt dat er maar één weg is, maak je het jezelf heel lastig. Soms is een omweg het beste wat je kan overkomen, maar dat weet je uiteraard pas achteraf.

De paradox van de comfort zone

Op het punt waar we de meeste angst voelen,
ligt waarschijnlijk onze grootste schat begraven.

Jaren geleden besloot ik na een verbroken relatie met mijn nicht een maand naar Nieuw-Zeeland te gaan, waar we alles zijn gaan doen waarvan ik altijd zei: “dat is niets voor mij’. De wereld lag weer helemaal open. En zo gebeurde het dat ik ben gaan bungy jumpen vanaf de Kawarau-bridge, dat leek me een geweldig idee. Eenmaal op het puntje van de brug, vond ik het al een minder goed idee en flitste door mijn hoofd: waarom doe ik dit!? O ja, daarom. Na een kleine aarzeling: 3-2-1 go! Onbeschrijflijk wat er dan door je heen gaat en de energie die het geeft. Eenmaal zwierend aan het elastiek galmt er door de speakers: “Congratulations Saskia, you just stepped out of your comfort zone”. Het inspireert me tot aan de dag van vandaag. Na dat gevoel van bevrijding werd het steeds makkelijker om nieuwe stappen te zetten en mijn wereld te verruimen.

Eenmaal weer thuis heb ik m’n baan opgezegd die me meer energie kostte dan gaf en ben ik het laatste gaan doen ‘wat nu eenmaal niets voor mij was’. Alleen op reis. Zo vertrok ik voor 3 maanden naar Zuidoost-Azië (voor de liefhebbers: saskiaschepers.waarbenjij.nu). Dat oogstte veel bewondering: “wauw, dat zou ik ook wel willen, maar……(diverse smoezen)”, of “als ik dat maar eens zou durven”. Er waren voor mij ook tientallen redenen om het niet te doen en ik moest echt wel even slikken eenmaal op Schiphol, maar één reden om het wel te doen: ik heb de kans om het te doen, dus doen.

Ik was nooit alleen op reis geweest, maakte me enorme zorgen om de terugval die ik ongetwijfeld zou krijgen na alle stress. Ik zou me vast eenzaam voelen en ongemakkelijk. Niets van dat alles: alles viel direct van me af in het vliegtuig en was verbaasd hoe dat kon na zoveel spanningen. Waar had ik me nou zo druk om gemaakt al die tijd? Om werk wat maar gewoon werk is? Ik werd geen ander mens tijdens mijn reis, maar werd weer mezelf.

Uit je comfort zone stappen, is sindsdien een van mijn stokpaardjes binnen mijn werk. Het geeft me veel voldoening de wereld van anderen te vergroten en mensen te inspireren uit zichzelf te halen wat erin zit. Dat betekent dat ze zekerheden moeten durven loslaten en op zichzelf moeten leren vertrouwen. De meeste mensen zullen op de vraag waar ze het meest van geleerd hebben, vertellen over moeilijke situaties waar ze op zichzelf waren aangewezen. Ergens in het diepe worden gegooid (als ‘expert’), voor het eerst voor en groep staan, leiding gaan geven. Dat wil ik mensen laten realiseren.

Ik geloof dat als je energie wilt genereren in een organisatie, je mensen moet (blijven) uitdagen. Het is net als met een karrenspoor: hoe langer je er overheen blijft rijden, hoe dieper hij wordt en hoe lastiger om er vanaf te wijken. Hier en daar eens een zijweggetje meepakken of een afslag nemen, kan veel opleveren. Daarom is job rotation belangrijk in ons bedrijf. Medewerkers worden uit hun vertrouwde omgeving gehaald en leren uit meerdere vaatjes tappen. Echte groei bereik je door (tijdelijk) af te zien van veiligheid.

Ik kreeg door mijn enthousiasme verschillende boeken aangereikt. Een geweldige aanrader is ‘Uit de comfortzone’ van Judith Sills waar de paradox van de comfort zone mooi staat verwoord: “Comfort is zo aantrekkelijk, omdat het veilig is, maar veiligheid beperkt de bevrediging die een ervaring je kan schenken. In het grootste voordeel van comfort schuilt dus tegelijkertijd het grootste nadeel. We moeten ons behaaglijk voelen om ten volle te kunnen leven, maar als we ons te behaaglijk voelen, sterft er iets essentieels af. Een leven dat uit te veel werk bestaat, put het lichaam uit, maar een leven dat te weinig inspanning vergt, ondermijnt de ziel. Tussen die twee uitersten ligt een haven, een staat van psychologische genade, een platform van emotioneel welzijn. Dat is je comfortzone. Het is een toevluchtsoord. En juist daardoor is het slechts een tijdelijke verblijfsplaats”.

Ik heb in mijn studie geleerd dat mensen sowieso maar om twee redenen in beweging komen: als de nieuwe situatie aantrekkelijker is of de huidige onhoudbaar. In de praktijk werkt de laatste het beste. De meeste mensen komen pas in beweging als ze met hun rug tegen de muur staan. Dat is een wijze les.

Ik ben nu eenmaal niet iemand die……? Ik heb helaas niet de kans gekregen om…? Het is echt niet makkelijk om…? Ze zullen me toch niet aannemen, dus waarom zou ik….? Stel je nou eens voor hoe het zou zijn om dat te kunnen overstijgen. Om gewoon te springen. Het is comfort om te denken dat je van alles had kunnen doen of worden, maar je de kans nu eenmaal niet had, of de situatie er niet naar was.

Ik gun iedereen zijn comfort zone, wat zoals Sills zegt “een psychologische kas is waar je opbloeit en gedijt”. Maar ik gun iedereen vooral ook de verruimende ervaringen die net daarbuiten liggen. Go get it!